Samen anders

Foto: Carlijn van den Broek

Mijn man en ik: samen zijn we anders. Soms gaat dat goed, soms even niet. Samen komen we er wel uit. Samen helpen we ook ánderen. Behalve als dat even niet kan. Soms heb je zélf hulp nodig.

Er zijn van die dingen die ADHD’ers net wat beter kunnen dan mensen zonder ADHD. In enkele van deze gaven zijn mijn man Peter en ik zijn beiden ruim voorzien. Zo kunnen wij kantoormeubelen verhuizen met een personenwagen door zes keer heen en weer te rijden tussen de oude en de nieuwe locatie. Verbaasd, zijn we dan, dat we ons de dag erna zo moe voelen. We zijn spontaan vergeten dat onze lichamen toch echt hetzelfde reageren op overbelasting als de lichamen van andere mensen, al is het dan een dag later.

Iemand in nood

Nog zo’n voorbeeld: wanneer we een locatie delen met meerdere organisaties lopen we constant ieders problemen op te lossen. Dat we onze eigen organisatie dan vergeten: tja, zo gaat dat. We hebben een enorm sterk verantwoordelijkheidsgevoel en kijken naar het grotere plaatje. Is er iemand in nood, dan vergeten we spontaan onze eigen problemen. Pas op het laatste moment bedenken we dat we toch écht naar huis moeten om nog die ene mail te sturen, die vriend te bellen, en o ja, we moeten nog eten! Niet zo gek dus, dat we van ‘anderen helpen’ ons werk hebben gemaakt.

Schroefjes overhouden

We hebben veel overeenkomsten, maar soms ook verschilt onze beleving van ADHD. Ik ben bijvoorbeeld impulsief in de supermarkt of de dierenwinkel en koop dan net teveel spullen, terwijl Peter impulsief is in het verkeer of op het internet. Ik kan heel krachtige brieven schrijven, terwijl Peter mondeling sterk is. En waar hij assertief is, ben ik diplomatiek. Soms werkt dat goed samen. Soms ook niet. Bijvoorbeeld wanneer we niet goed met elkaar hebben overlegd. Maar goed, we houden gewoon niet zo van vergaderen. In de tijd dat we erover praten, hebben we de klus al geklaard. De gebruiksaanwijzing lezen we ook alleen wanneer we schroefjes overhouden. Wanneer we kletsen, doen we dat liever gezellig op een terrasje of in het (ADHD-)café. Wat dat betreft zijn we het helemaal met elkaar eens.

De buitenwereld

Soms zijn onze verschillen zo groot, dat het lijkt alsof we ruzie hebben. Want als iemand mij raakt, ga ik huilen of klap ik dicht; Peter wordt juist boos. Dus worden we allebéi geraakt, is dat flink verwarrend voor de buitenwereld. Het lijkt dan net alsof hij mij pijn doet. Toch is hij dan juist bezig om mij en zichzelf te beschermen. Om voor ons op te komen tegenover mensen, of organisaties, die over onze grenzen heen gaan.

Gemaskerd

“Een gemaskerde depressie,” zo verwoordde een bedrijfsarts mijn probleem in het jaar dat ik volledig arbeidsongeschikt raakte. Want als vrouw met ADHD ervaar ik mijn onrust meer van binnen. Als ik mij buiten de groep voel vallen, word ik onzeker. Dan zonder ik me af, vreet me vol, koop kleding, kijk een volledige serie op dvd of ga urenlang gamen. Dat alles kan ik doen met een glimlach op mijn gezicht terwijl ik mij van binnen diep ongelukkig voel. Het gaat beter nu ik geen ‘baas’ meer heb die mij zegt wat ik wel of niet moet doen. Nu ik vrijwilligerswerk doe vanuit bevlogenheid, niet vanuit plicht.

Blijven ademhalen

Toch ben ik nu weer depressief, drie weken lang. De laatste tijd worden nogal wat deuren voor me dichtgegooid, krijg ik vaak ‘nee’ te horen. Ik moet weer eens heel hard vechten om te mogen doen wat ik wil doen, en ik heb de laatste jaren al zo hard gevochten. Dus ben ik moe. Te moe om voor mezelf op te komen. Het enige wat ik kan doen, is blijven ademhalen. Me erbij neerleggen dat er even geen weg is waar ik kan lopen. Dat er even geen stoel is om op te zitten. En dat niet iedereen naar mij luistert.

We doen het samen

Er staat iets belangrijks in mijn leven te gebeuren. Het gaat om mijn levensbestemming, lotgenoten helpen. Ik wil tegen de stroming in en die protesteert. Dus sta ik op de plaats stil en negeer alle paniekerige gedachten. Op dit moment heb ik zélf hulp nodig. Voordat andere mensen mijn hulp zullen accepteren, zal ik eerst zélf hulp moeten accepteren. Je kunt zelf heel veel bereiken. Maar samen bereiken we nog veel meer. Al is het maar tolerantie, naast elkaar staan in plaats van tegenover elkaar. Een glimlach die wordt beantwoord met een knik, wint aan kracht. Misschien moet ik een deur opentrappen, misschien is er een andere weg. Maar ik vraag nu om hulp. We doen het samen.

Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *