Verzamelwoede is een ondeugd

schoenen

Spullen verzamelen, het zit al generaties in de familie. Ik herinner me het houten schuurtje van mijn opa. Aan de overkant van het gemeenschappelijke achterpad. Waar we rondneusden en verstoppertje speelden. Vol met gereedschap, een werkbank en de geur van hout. Mijn opa was arbeider en maakte zelf roeiboten. De streek waar hij vandaan kwam kende veel arbeiders en armoede. Hergebruik was niet meer dan logisch.

Volgende generatie

Mijn vader had een stenen schuur, dubbel zo groot. Ook een werkbank en gereedschappen. Ik zie nog zo de planken hout, de grote gereedschapskist en contactdozen en elektrosnoeren voor me. We verhuisden naar een grotere woning, waar mijn ouders inmiddels zonder mij en mijn broer wonen. Minder klusspullen, maar wel een afgeladen zolder. Ik maak me er wel eens zorgen om. Wat moeten wij als kinderen daar later allemaal mee?

Geen haar beter

Ik begon in een starterswoning,een woon- en slaapkamer met beperkte bergruimte. Mijn salaris ging op aan kleding en schoenen, mijn plezier sinds de middelbare school. Ik werd lid van de CD- en boekenclub. Met de speciale acties groeide mijn collectie snel. Met de verhuizing naar mijn andere woning en de komst van de kinderen groeide er ook een andere collectie heel snel. De stapel met ongelezen tijdschriften waar ik met moeite afstand van deed. Bij de verhuizing van de eerste naar de tweede gezinswoning, de kinderen waren nog met twee, ging dus zowel de hele collectie cd’s als de tijdschriften mee. Te gek voor woorden natuurlijk. Dat had ook te maken met het korte tijdsbestek waarmee we moesten inpakken, klussen en verhuizen. Ik zie mijn oom nog gaan met die stapels.

Kopen, kopen en niet weggooien

Nadat de jongens de wandelwagen en de fietsen met zijwieltjes waren ontgroeid, nam mijn liefde voor hakken een vlucht. Ik was al eens met de jongens naar de klimwand geweest met mijn rokje en hakken aan, dat bleek geen succes te zijn. Klimmen op betonblokken is echt onhandig. Er kwam weer wat meer vrije tijd en ruimte voor mezelf. De jongens hadden samen een kamer. En ik? Als enige vrouw in het mannengezin had ik de kleinste kamer afgedongen. Geen echte walk in-closet, maar wel geheel gevuld met kleding. Met momenten waarop je ontdekt hoeveel zwarte jurkjes je hebt en hoeveel goudkleurige items. Grote verlangens en vele impulsieve aankopen. Kopen deed ik wel. De kast opruimen en netjes houden ook. Heel deugdelijk! Maar weggooien? Dat leek een doodzonde. Ik kwam er achter dat die genetische aanleg tot verzamelen, met de aandrang tot kopen, zonder regelmatig weg te gooien zorgden voor vreemde proporties van mijn gekoesterde bezittingen. Ik heb mijn schoenen nooit geteld, dat leek me onbegonnen werk.

Inzicht en ommekeer

Opruimtips lezen en tot inzicht komen. De emotionele binding aan je spullen, dat was een. Instroom en nagenoeg geen uitstroom, dat was twee. Aankopen zonder impulsbeheersing, ik hoef het jullie niet te vertellen….
Sindsdien ruim ik met bepaalde tussenpozen op. Ik weet wanneer ik het beste uit de winkelstraten kan blijven. Emotionele binding ontkoppelen en zoeken naar een nieuwe, goede bestemming. Het helpt. Maar de verzamelwoede blijft altijd groter dan de opruimwoede, dat weet ik zeker!

Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *